Elleboog-dysplasie bij honden
|
|
Elleboog-dysplasie (ED) is een deels erfelijk bepaalde aandoening, die vooral bij grote en hele grote hondenrassen voorkomt. Het ontwikkelt zich in de tijd van de snelste groei, meestal tussen de vierde en de zesde maand. Elleboogdysplasie is eigenlijk een verzamelnaam voor vier verschillende aandoeningen:
LPC = los processus coronoideus
| LPC is een vorm van elleboogdysplasie, waarbij een klein stukje kraakbeen en/of bot aan de voorkant van de ellepijp (processus coronoideus medialis) afbreekt. Zo'n los stukje bot (LPC) kan op dezelfde plek blijven (fissuur), helemaal vrij in het gewricht zijn (gewrichtsmuis) of zich een beetje verplaatsen, met als gevolg van erge beschadiging aan het kraakbeen van de bovenarm (kissing lesion). |
klik op afbeelding voor vergroting
|
| In alle gevallen is het heel pijnlijk voor de hond. Om verdere ontwikkeling van beschadigingen te voorkomen, het risico voor slijtage te verminderen en de prognose zo goed als mogelijk te behouden, moet een arthroscopie zo snel mogelijk uitgevoerd worden. Hierbij kan de diagnose met zekerheid gesteld worden en kan tegelijkertijd het losse of afgebroken stukje worden verwijderd. |
| Het is dankzij de arthroscopie dat in een zeer vroeg stadium behandeld kan worden. Met de 'ouderwetse' operatieve behandeling moet vaak gewacht worden tot de hond ouder is (> 8 maanden). Het operatief openen van het gewricht veroorzaakt op zichzelf al artrose. Met hulp van arthroscopie kan de therapie al beginnen voordat de eerste tekenen van slijtage op een röntgenfoto te zien zijn, het herstel is sneller en de resultaten op langere termijn zijn beter. |
 |
|
 |
|
| |
OCD = osteochondrosis/o. dissecans (OCD)
Osteochondrosis is een storing in de ontwikkeling van het kraakbeen in een gewricht van jonge honden. Als gevolg van deze storing wordt een bepaald deel van het kraakbeen dikker (OC=osteochondrose). Het krijgt in de diepte niet genoeg voeding. Cellen in het verdikte kraakbeen sterven af en het kraakbeen verliest het contact met het onderliggende bot. Dit ondermijnde kraakbeen kan geheel los komen van het bot (OCD='D'=dissicans=loslaten). Osteochondrose vinden wij niet alleen in de elleboog, maar ook in de schouder en andere gewrichten.
OCD in de elleboog zit aan de binnenkant van de bovenarm.
In de schouder vinden wij de flap altijd aan de achterkant van het gewrichtsoppervlak van het bovenarmsbot. |
|

|
De diagnose kan worden gesteld met hulp van klinische symptomen, röntgenfoto en arthroscopie . Tijdens de arthroscopie wordt dan het losse stukje kraakbeen (OCD-flap) met behulp van kleine tangen (2,5-3 mm groot) compleet verwijderd en wordt het bot onder het defect schoongemaakt. |
LPA = los processus anconeus
| Bij deze afwijking groeit de processus anconeus, een stuk bot aan de achterkant van het gewricht (elleboog), niet aan de ellepijp vast. Met het gevolg dat het stukje altijd beweegt tijdens het lopen en er ontstaat een pijnlijke ontstekingsreactie. |
| De diagnose kan door middel van klinische symptomen en vooral röntgenfoto's, maar ook door arthroscopie, worden gesteld. Op grond van de grootte en de positie van de LPA moet dit losse stuk door een operatieve opening van het gewricht worden verwijderd. |
INC = incongruentie
LPC en OCD kunnen door middel van arthroscopie worden behandeld.
Voor de behandeling van LPA en INC is een operatie nodig.
| Deze aandoeningen komen meestal in beide ellebogen voor. Daarnaast kunnen in één gewricht meerdere aandoeningen tegelijkertijd aanwezig zijn. Het gevolg is dat er ontsteking en secundaire osteoarthritis (slijtage) ontstaat in het gewricht. De rassen waarbij dit het vaakst voorkomt in Nederland zijn Berner Sennenhond, Labrador Retriever, Rottweiler, Golden Retriever en Duitse Herder, maar het wordt ook bij Schotse Collie, Welsh Corgie en andere rassen vastgesteld. |
De klachten en verschijnselen zijn bij alle vier de aandoeningen gelijk. Meestal is tussen de vierde en de zesde maand de eerste kreupelheid te zien. Soms zijn deze honden niet de hele tijd kreupel, maar moeten zij na rust warm lopen of ze worden door veel beweging meer kreupel. Vaak draaien zij de poten naar buiten of binnen, om de elleboog te ontlasten. Dit kan soms een belangrijk symptoom zijn bij honden, die ED aan beide kanten hebben. Bij deze honden valt kreupelheid soms ook niet op omdat beide voorpoten even kreupel zijn.
Een diagnose kan samen met de klinische symptomen, röntgen en vooral met arthroscopie worden vastgesteld.
|
|
|

|
|
 |
|